|
In de vergadering van 15 oktober sprak ik over het nieuwe beleidsstuk van de brandweer. Ik heb daar iets mee; de brandweer is een belangrijke schakel in de veiligheidsketen, die voornamelijk draait op vrijwilligers die toch elke keer maar uitrukken en niet weten hoe het afloopt. En dat allemaal als vrijwilliger. Nou heb ik de ervaring dat onderwerpen van de burgemeester altijd moeilijk liggen. Wil je het jezelf niet te moeilijk maken als raadslid, dan moet je vooral je niet inhoudelijk met deze portefeuille bezig houden. De brandweer ligt gevoelig, zo bleek wel weer in de vergadering van 15 oktober. Een week eerder pleitte de burgervader in een bijeenkomst dat de vrijwilligers belangrijk waren en organisaties zoals de door de minister erkende Vakvereniging Brandweervrijwiligers (VBV), geen voet aan de grond krijgen in Drenthe, omdat de vrijwiligers tevreden zijn. Waarom niet met de VBV om tafel? En samen met deze expertisegroep bespreken welke zaken bij de vrijwilligers weggehaald kunnen worden om de overtollige werkdruk weg te nemen? Vanwaar die weerstand?
Ik haalde in de vergadering een citaat uit het stuk aan waarover we spraken. Over contacten tussen vrijwilligers en raadsleden. En het effect hiervan op de nodige veranderingsprocessen van de brandweer. Dergelijke processen komen dan ook maar langzaam van de grond. Ik heb dit zelfs een vorm van onbehoorlijk bestuur genoemd. Jawel, krasse woorden, maar als je als volksvertegenwoordiger je werk doet en je bespreekt in de Raad jouw bevindingen, kan het niet zo zijn, dat de (o.a.wettelijke) verplichte veranderingsprocessen daardoor niet gehaald kunnen worden. Dan is er wat anders aan de hand. Maar dit schoot in de verkeerde keelgat van de burgemeester. Het was maar goed dat hij geen kort lontje had, anders was hij over de tafel geklommen, zo sprak hij. Wellicht had ik moeten vragen: Ja, en wat dan? Wat is dat voor een taalgebruik? Bovendien vind ik dit intimiderend. Maar het schijnt te mogen in Assen. De plaatsvervangend voorzitter (van PvdA origine), die al eerder blijk heeft gegeven zich niet als technisch voorzitter te kunnen gedragen, deed er nog een schepje bovenop. Bij de vraag wie er een tweede termijn wenste, gaf ik blijk hiervan gebruik te willen maken. ‘Oh, om uw excuses aan te bieden?’ vroeg hij. Excuses voor wat? Dat de vragen in mijn bijdrage niet beantwoord worden? Dat 'korte lontjes en over de tafel klimmen' normaal taalgebruik is in deze raad? Dat het normaal is dat voorzitters niet technisch kunnen voorzitten? Maar het schijnt te mogen in Assen. Twee weken eerder kreeg een andere plaatsvervangende voorzitter (van CDA origine) al de lachers op zijn hand met een o zo leuk grapje. ‘Netjes de fracties af van rechts naar links, dan even één iemand overslaan, met de daaropvolgende fractie verder gaan en dan terug naar de ene, die ook nog maar eventjes moet.’ Ongelooflijk en respectloos. Maar het schijnt te mogen in Assen. Als klap op de vuurpijl staat in het Dagblad van het Noorden van 28 oktober het volgende artikel: 'Uitglijders Heldoorn (onze burgemeester) in voorwoord Atlas'. In het voorwoord van de Historische Atlas van Assen staan enkele storende fouten. Onder andere bijvoorbeeld het Noord-Willemskanaal wat door zou lopen tot in het stadshart (?), hetgeen natuurlijk De Vaart moet zijn. De reactie is nog erger: Onze burgervader stelt dat ambtenaar (met naam en toenaam genoemd!!) een foutje heeft gemaakt en hij, de burgemeester, slechts ondertekend heeft. De ambtenaar op zijn beurt stelt dat onze burgervader danwel de uitgever dit zelf hadden moeten zien!!. Er is een gouden regel in bestuursland: Ambtenaren noem je niet met naam, noch in de Raad, noch in de Pers. De portefeuillehouder is altijd verantwoordelijk. Immers een ambtenaar is in dienst van..... Juist ja. Maar in Assen mag dat wel! Lees ook mijn verslag van de betreffende raadsvergadering
|